Het bleh-gevoel

Bijna iedereen die ik de afgelopen weken spreek zegt last te hebben van ‘januari’. Dat bleh-gevoel van grijs en donker, de wereld staat stil en er gebeurt niks. Ik ben zelf ook geen enorme liefhebber van deze tijd van het jaar, maar ik ben in de afgelopen jaren wel de kwaliteiten ervan meer gaan waarderen. Daarom leek dit me een aardig moment om eens met elkaar stil te staan bij tijd, productiviteit en een andere manier om daar naar te kijken.

Laat ik beginnen met een stukje Griekse mythologie. De oude grieken vonden dat tijd heeft twee gezichten heeft: Kairos en Chronos.

Wat de oude Grieken al wisten

Chronos is de god van de meetbare tijd. Dat brengt orde en structuur in de wereld en maakt planning mogelijk. Chronos vertegenwoordigt de kloktijd, de tijd die uit eenheden bestaat die neutraal en gelijk zijn. Het is de lineaire, meetbare tijd. De kloktijd die we aflezen, de tijd waarin we afspraken maken en gericht van de ene naar de volgende activiteit gaan. Ook is het die vorm van tijd die we altijd tekort komen; die bevochten moet worden omdat hij zo schaars is. Woorden als ‘chronologisch’ (in de tijd opvolgend), ‘chronisch’ (langdurig) en kroniek (chronologisch tijdverslag) zijn er van afgeleid.

Daarnaast heb je Kairos, een rebelse kleinzoon van Chronos. Hij is de god van het juiste ogenblik, de kans. Kairos is evenals Chronos een personificatie van de tijd, maar hij staat voor onze persoonlijke tijdsbeleving, die los staat van de kloktijd. Hij vertegenwoordigt de gelegenheid, het juiste moment om iets voor elkaar te krijgen en hij verklaart waarom de tijd soms omvliegt en op andere momenten weer stil lijkt te staan. Kairos leert ons dat je met aandacht, rust en concentratie kansen creëert voor een doorbraak, voor vernieuwing of voor waardevolle inzichten.

Chronos en Kairos zijn dus de twee gezichten van tijd die je waarschijnlijk wel herkent. Chronos is overduidelijk in ons leven aanwezig maar Kairos is vaak ver te zoeken, omdat we elk moment invullen met activiteiten en bezig zijn.

Het een is niet beter dan het andere. Beide tijdsbelevingen, Chronos en Kairos, zijn zinvol en waardevol en het gaat ook hier weer om het vinden van de juiste balans. Chronos hebben we nodig om ons sociale en maatschappelijke leven in te richten. Zonder Chronos zouden we niet op hetzelfde moment bij die vergadering of dat concert zijn. Maar Chronos schiet ook tekort, want tijd is immers niet alleen maar ruimtelijk en in blokjes van precies hetzelfde op te delen. Tijd duurt soms korter en soms langer; hij is gevuld en gekleurd. De neutrale kloktijd brengt de ervaren en geleefde tijd in de verdrukking.

Door Kairos ontstaat vernieuwing en bevlogenheid. Hij is aanwezig als we niet op de klok kijken, maar als we opgaan in wat we doen. Deze ervaring van tijd is moeilijk te omlijnen. Het staat voor het juist ogenblik, voor creativiteit en vernieuwing. Een tijd waarin je de tijd even vergeet en geconcentreerd bent, in een boek, in wandelen in de natuur, in onder de douche staan. Kairos is bijvoorbeeld ook het moment dat een vastgeroest patroon ineens losschiet en er iets nieuws ontstaat, doordat je opeens vanuit een andere invalshoek kunt kijken. Dit gebeurt onverwacht en ongepland. Kairos is persoonlijk en voor iedereen anders.

De balans tussen Chronos en Kairos is die tussen meetbare en ervaarbare tijd, tussen resultaat- en procesgerichtheid, tussen lineaire en innerlijke tijd en de balans tussen doen en zijn.

Met onze zintuigen ervaren we de wereld. We zien kleuren, horen geluiden, proeven smaken, ruiken geuren en voelen texturen. Maar hoe nemen we tijd waar? Dat is zeker niet gekoppeld aan één bepaald zintuig. Het is vreemd om te zeggen dat we tijd kunnen zien, horen of voelen. En toch heeft ieder van ons een besef van het verstrijken van tijd.

Chronos is de baas geworden

Van de oude Grieken tot aan de Verlichting bestonden Chronos en Kairos naast elkaar. Gaandeweg is Chronos steeds meer ruimte in gaan nemen. In de negentiende eeuw zijn we arbeid gaan meten in kloktijd en moeten we steeds meer presteren in dezelfde hoeveelheid tijd om de economische groei te bevorderen. Zo zijn we gaandeweg steeds meer een soort strijd tegen de klok gaan voeren. En hoewel er in de loop van de tijd vele tijdbesparende machines en apparaten zijn gekomen, hebben we minder tijd dan ooit tevoren. Chronos is de baas en bepaalt hoe productief we zijn. Ik durf de stelling aan dat er iets mis gaat in onze relatie met tijd.

We hebben namelijk Kairos nodig. Dat is de tijd, die tot leven komt als de klok, agenda of kalender even niet je tijd dicteert. Dan is er tijd voor echte aandacht, tijd om tot rust, tot dagdromen, tot een visie te komen. Kairos is de stilte in de tijd.

Even terug naar het januari-gevoel, of anders gezegd: de seizoenen waar we mee te maken hebben. Door de invloed – of moet ik zeggen: macht? –  die Chronos over ons heeft, zijn we steeds meer los gedreven van onze eigen natuur. Als kind verbaasde ik me altijd al over Oud en Nieuw. Nieuwjaarsdag voelde voor mij op geen enkele manier als nieuw. Het was nog net zo grijs, donker en koud als de dag ervoor. Het enige wat er gebeurde was dat er een jaar versprong, maar zou je me gevraagd hebben wanneer het echte nieuwe begon, dan zou ik gezegd hebben: ergens in maart. En eigenlijk voelt dat nog steeds zo voor me.

Kalender-dwang

Met klokken, kalenders en agenda’s hebben we een nuttige structuur gecreëerd waar we volop de vruchten van plukken. Maar waar we aan voorbij gaan, is dat we zelf ook natuur zijn. Wij mensen hebben ook periodes van bloei en oogst, maar ook momenten van rust. Waarin er op het oog niks gebeurt, om ons voor te bereiden op het volgende zaaiseizoen, waarna we opnieuw bloeien en kunnen oogsten.

Hoe zo’n cyclus eruit ziet, verschilt van persoon tot persoon, maar ik heb wel het idee dat januari voor tamelijk weinig mensen het grote bloei- of oogstseizoen is. Daarmee ontstaat al snel het verhaal dat het nutteloos, niksig, deprimerend is. En zo kun je het ook daadwerkelijk ervaren, maar ik wil je ook uitnodigen om eens tegen het licht te houden waar dat verhaal vandaan komt.

Ik heb jarenlang mezelf zo’n zelfde verhaal verteld. Heb altijd geroepen dat ik vanaf mijn verjaardag in januari tot eind februari op het zuidelijk halfrond door wilde brengen, omdat ik de winters hier onprettig vind. Sterker nog, ik heb dat ook een heel aantal jaren gedaan.

Maar de winters hier blijken absoluut waarde voor me te hebben, Dat vraagt wel van me om uit mijn Chronos-modus te komen. Januari is de periode dat ik – letterlijk en figuurlijk – meer naar binnen keer. Ik kom automatisch meer in de vertraging, ik slaap meer, ik accepteer dat mijn sociale leven op een wat lager pitje staat. Ik lees meer boeken, luister podcasts, wandel door de kale natuur. Je zou kunnen zeggen dat ik Kairos dan de regie geef. Op het oog gebeurt er weinig, maar mijn hele systeem bereidt zich voor op het volgende seizoen. Dit is de periode waarin onder de op het oog kale oppervlakte nieuwe ideeen beginnen te ontstaan, het is de leegte waarin ik tot inzichten kom. En steeds meer ga ik zien hoe belangrijk dat is. Als ik mijzelf namelijk op wilskracht dwing om jaarrond te bloeien en te oogsten, dan pleeg ik roofbouw. En net als in de rest van de natuur, put dat uit. Op een gegeven moment is het op.

Yin-fase

De Taoïsten hadden dit al meer dan tweeduizend jaar geleden begrepen. Eén van de mooie beginselen van het taoïsme vind ik het idee dat periodes van inspanning en ontspanning elkaar af moeten wisselen. Om periodes van naar buiten gericht zijn, actie, doen, resultaten boeken, buffelen – yang – te laten volgen door ‘yin’: binnen, rust, voelen, vertragen. Je plant een yinfase niet, je geeft je eraan over. Het is een periode van loslaten en herstellen. Dat is het seizoen of de periode waarin je oplaadt.

Volgens de Taoïsten is de periode van half december tot ongeveer februari de tijd waarin je toegeeft aan de natuurlijke neiging om naar binnen te keren, maar als jij het op een ander moment voelt en in de winter juist goed in je energie komt, dan luister je daar naar. En binnen die grotere seizoenen kennen we natuurlijk ook allerlei kort cyclische seizoenen, waarin je bijvoorbeeld als je na het hard werken om een deadline te halen even hersteltijd nodig hebt.

Dat brengt me bij het thema productiviteit. Want natuurlijk werken we in organisaties die zich wel aan klok- en agendatijden houden en kunnen we niet zomaar op eigen houtje bepalen dat we in winterslaap gaan. Maar op een aantal dingen heb je vaak wel invloed en zeker als je meer gaat luisteren naar wat je nodig hebt om op de langere termijn energie, gemotiveerd en geïnspireerd te blijven dan is het goed om te kijken aan welke knoppen je wél kunt draaien.

Allereerst heb je natuurlijk invloed op hoe laat je naar bed gaat, hoe vol je je vrije tijd plant en wat je voor activiteiten wilt ondernemen. Als je beter gaat luisteren naar waar je behoefte aan hebt, in plaats van naar wat er van je verwacht wordt, dan ga je daarin bijna als vanzelf andere keuzes maken. Maar ook op je werk kun je kijken wat je anders kunt doen; heb je bijvoorbeeld invloed op wanneer je bepaalde mijlpalen of opleveringen inplant, wanneer je deadlines hebt of hoe je je workload over het jaar of over de kwartalen verdeelt? Je kunt kritischer worden op het aantal overleggen waar je echt bij moet zijn en wat je ook met een mail af kunt doen.

Naar een nieuwe definitie van productiviteit

Het is een misvatting om te denken dat je minder productief zou zijn als je je niet houdt aan de lineaire, Chronos-beleving van tijd waarin je als het ware alleen maar doorlopend aan het oogsten bent. In alle andere natuurverschijnselen accepteren we dat er eb en vloed is, zomer en winter, volle maan en nieuwe maan. Maar als het om onszelf gaat, dan zouden we maar één stand hebben om effectief te zijn en dat is: aan.

Ik gebruik vaak de metafoor van de sportschool: spiergroei ontstaat niet door alleen maar aan het ijzer te hangen met steeds zwaardere gewichten. Het is in de rust, in de herstelfase tussen de trainingen door dat je spieren zich ontwikkelen. De rust is nodig om geen blessures op te lopen en de natuur haar werk te laten doen.

De cycli in de natuur zijn nodig om het systeem effectief te houden. Na zaaien volgt bloei en uiteindelijk kan er geoogst worden. Het ‘afval’ wat ontstaat door het vallen van blad, vruchten en ander organisch materiaal in de herfst, is voeding voor het volgende seizoen. En in de winter, als alles kaal en doods lijkt, is de tijd van herstel, van vertraging en rust. Het is de voorbereiding op het nieuwe seizoen. De taoïsten zien het als een soort droomfase, waarin nieuwe ideeen geboren kunnen worden. Maar als we Kairos er nog een keer bij halen:

Kairos is jouw tijd. Je vindt hem weer door meer tijd blanco te laten en niet in te vullen met activiteiten. Door een paar uur per dag je telefoon uit te zetten, door af en toe niets te doen, te lummelen of te dromen, door muziek te luisteren, te lezen, te wandelen of naar de wolken te staren. Het is een heel andere manier van denken over tijd en productiviteit dan we gewend zijn, maar als je je daar eenmaal aan over gegeven hebt, zal je ervaren dat productiviteit niet lineair maar cyclisch is. Ik zou zeggen: probeer het eens uit.

 

 

Luister naar De Nieuwe Leiders Podcast

Veranderde tijden vragen om ander leiderschap. In De Nieuwe Leiderspodcast neem ik je mee op onderzoek naar hoe we nieuwe vormen van leiderschap kunnen ontwikkelen in organisaties, teams en – niet in de laatste plaats – onszelf. Samen herschrijven we de definitie van leiderschap. Je kunt hem hier beluisteren of via je favoriete podcast app.
 

DE NIEUWE LEIDERS PODCAST

160

Ook interessant voor je

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.